Het WK 2026 begint op 11 juni. 104 wedstrijden, 48 landen, drie gastlanden. En een ticketmarkt die zich anders gedraagt dan bij elk vorig toernooi. Voor wie overweegt erheen te gaan — of gewoon nieuwsgierig is naar de gekte — een uitleg van hoe het werkt en wat het kost.
Twee markten: officieel en doorverkoop
FIFA verkoopt tickets via zijn eigen platform in fases: eerst via loterijrondes, daarna via last-minute verkoop op volgorde van binnenkomst. De officiële prijzen variëren enorm dankzij dynamische prijsstelling (‘dynamic pricing’) — hetzelfde systeem dat vliegtuigmaatschappijen en hotels gebruiken. Een groepswedstrijd zonder gastland begon officieel zo laag als 60 dollar in de goedkopere categorieën, maar wedstrijden met Mexico, Canada of de VS kunnen officieel al oplopen tot 2.735 dollar. Officiële kaarten voor de finale kosten tussen 2.030 en 7.875 dollar.

Naast de officiële markt is er de doorverkoopmarkt: platforms als StubHub, SeatGeek en Vivid Seats waar mensen hun gekochte kaarten verder verkopen. Hier gelden geen FIFA-prijslimieten. TicketData.com volgt die markt real-time per wedstrijd, per land en per stad.
Hoe de doorverkoopmarkt zich gedraagt
Wat opvalt: de doorverkoopprijzen zijn de afgelopen maanden sterk gedaald. Een maand geleden lag de gemiddelde instapprijs voor een groepswedstrijd nog op ongeveer 720 dollar; halverwege mei was dat gedaald naar circa 560 dollar, een daling van ongeveer 23 procent volgens NBC News. In euro’s is de gemiddelde instapprijs nu ruwweg 515 euro per ticket.
Waarom die daling? TicketData-oprichter Keith Pagello legt het uit: er wordt simpelweg niet genoeg gekocht om de hoge prijzen te ondersteunen. En het wordt een zichzelf versterkend effect: kopers zien prijzen dalen en wachten af. Prijzen dalen verder. Kopers wachten nog langer. Dat kan betekenen dat wie geduldig is goedkoper uitkomt — maar ook dat wie te lang wacht, helemaal buiten de boot valt als de wedstrijd nadert en de vraag ineens aantrekt. Time Magazine beschreef het mechanisme uitgebreid.
Wat Oranje-fans kunnen verwachten
Nederland staat in de ranking van doorverkoopprijzen per land op plek 28 van de 48 deelnemers, met een gemiddelde instapprijs van circa 490 euro per groepswedstrijd. Dat is beduidend minder dan de absolute toppers. Mexico is het duurste land ter wereld om als fan te volgen: gemiddeld 1.720 euro per wedstrijd op de doorverkoopmarkt, door de enorme lokale vraag in Mexico City en Guadalajara. Portugal (1.275 euro), Brazilië (1.220 euro) en Colombia (1.200 euro) volgen. Zelfs Argentinië staat op 895 euro gemiddeld.

De goedkoopste wedstrijden zijn die van landen als Saudi-Arabië, Nieuw-Zeeland, Cabo Verde en Egypte — soms onder de 185 euro te vinden voor instaptickets. Voor wie het toernooi wil meemaken zonder een specifiek team te volgen, zijn dat de meest toegankelijke wedstrijden.
Naar welke stad ga je dan?
De prijzen per stad volgen de logica van de teams die er spelen. Mexico City is de duurste stad gemiddeld, gevolgd door Miami. Houston, Atlanta en Dallas ontvangen meerdere wedstrijden in grote stadions, wat de lokale vraag verdeelt en de prijzen relatief drukt. Goal.com heeft een handig overzicht van de goedkoopste wedstrijden per stad.
De finale? Dat is een ander verhaal
Op de officiële FIFA-doorverkoopmarkt stond de goedkoopste finale-kaart medio mei op 9.200 dollar — ruim 8.400 euro. De duurste gevraagde prijs: 11.499.998,55 dollar. Dat laatste exemplaar staat er vermoedelijk nog.
Draadbreuk heeft een complete gids over gratis WK kijken in Nederland, en wie liever in de achtertuin op groot scherm kijkt vindt hier alles over beamers en buiten-setups voor het WK.

